top of page

AD(H)D – huishouden van Jan Steen



Een kinderkamer. De vloer is niet meer zichtbaar. Overal speelgoed, papier en vieze sokken. Enorme wanorde. Ik loop voorzichtig naar binnen en probeer niet per ongeluk op een legoblokje te gaan staan (auw!). Klinkt overdreven? Niet voor een AD(H)D’er.

 

Naast AD(H)D’ers hebben ook andere beelddenkers soms erg veel moeite met het scheppen en bewaren van orde. Is het desinteresse of luiheid? Desinteresse kan een deel van het probleem zijn.


Ouders bepalen vaak wat de orde in de kinderkamer moet zijn. Of dat motiverend genoeg is, is maar de vraag. Wat is nou het nut om de orde van je ouders te bewaren? Zolang je je spullen kan vinden, dan is er toch niets aan de hand? Een bron van ouderlijk ongenoegen.


Onwetendheid of onvermogen speelt vaak een veel grotere rol. Als je niet weet wat orde is en hoe je het voor elkaar krijgt, en je probeert te kopiëren wat anderen doen, gaat het niet altijd goed. Je wilt wel opruimen, maar als je wegloopt uit de badkamer vergeet je je vuile kleren mee te nemen, terwijl je dacht dat je het gedaan had.

En als je weet dat je vieze sokken niet op de grond horen te liggen en je ziet dat anderen losse spullen opruimen in dozen, dan verdwijnen de sokken in opbergdozen in plaats van de wasmand.


Of de volwassene die zijn administratie (deels) in mappen en lades stopt, omdat hij weet dat anderen het administratieprobleem zo oplossen. Hij doet dat niet gestructureerd en vervolgens kan hij niks meer terugvinden.


Anderen kunnen het wel. Waarom dan deze groep mensen niet? Het is terug te voeren op regelmatige, langdurige desoriëntatieDesoriëntatie vervormt de waarneming.

Als je in je hoofd denkt dat je iets opgeruimd hebt, wil dat niet zeggen dat het in het echt ook gebeurd is. Veel ouders van kinderen met AD(H)D kennen het verschijnsel wel. Je vraagt je kind om iets op te ruimen en een uur later ligt het er nog. Je vraagt het nog een keer en je kind is er vast van overtuigd dat hij het opgeruimd heeft.


Pubers komen thuis en gooien hun tas midden in de kamer neer en hun jas over de stoel. Je hebt al honderd keer gevraagd of ze dat niet willen doen, maar het is net alsof ze je niet horen; dit komt door desoriëntatie.


Als je regelmatig en langdurig gedesoriënteerd bent, komen belangrijke levenslessen niet of verkeerd binnen. Het gevolg? Je hebt geen of een onvolledig beeld van orde en wanorde. Vaak kun je de situatie niet goed overzien. Je wilt in zoveel tegelijk orde scheppen dat je het overzicht verliest en het uiteindelijk opgeeft.Desoriëntatie wordt onder andere veroorzaakt (getriggerd) door stress. Hierdoor gaat het vaker mis in belangrijke en stressvolle situaties, zoals het bijhouden van de administratie.


De oplossing? De eerste stap is daarom ook het leren herkennen van desoriëntatie en je vervolgens zelf actief leren oriënteren. De volgende stap is bewustwording van orde en wanorde, door oriëntatie en door zelfontdekking. Dan kan de AD(H)D’er het geleerde werkelijk toepassen op zijn eigen leven.


Herken je dit? In welke situaties heb jij moeite met orde en wanorde? Deel je verhaal hieronder.

5 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven

Oriëntatie en desoriëntatie

Oriëntatie Je leren oriënteren is een van de belangrijkste gereedschappen van de Davis-methode. Goed georiënteerd zijn is niets bijzonders. Het je natuurlijke geestestoestand. Oriëntatie zorgt ervoor

bottom of page